Ons uitgangspunt is dat ons onderwijs betekenisvol moet zijn voor de kinderen. Wij willen dat onze leerlingen gemotiveerd zijn om te leren, ze moeten begrijpen waarom ze iets leren en meedenken over wat en hoe ze willen leren. Wij zien ons dan ook steeds meer als coach van de kinderen. Maar niet alleen coach, we blijven ook leerkrachten die uitleggen en onderwijzen. We willen daarbij gebruik maken van de natuurlijke nieuwsgierigheid van de kinderen.
Een voorbeeld hiervan is onze projectmatige aanpak. Jaarlijks werken wij met 5 thema’s vanuit verschillende onderwerpen. In ieder project wordt gestart met de vraag: wat wil jij leren rondom dit onderwerp? Veel van de lessen die in de school worden gegeven staan in het teken van het thema. Vooral de wereld oriënterende en beeldende vakken, maar ook vakken als taal en rekenen worden vaak in het thema gegeven.
We gaan met de kinderen in gesprek over wat en hoe te leren. Dit doen we door middel van kind- en groepsgesprekken waarin we met de kinderen hierover praten en doelen stellen. Dit proces ondersteunen we door te werken met een portfolio voor de kinderen. Een portfolio waarin zij kunnen laten zien waar ze mee bezig zijn, wat ze geleerd hebben en waar ze trots op zijn. Op groepsniveau ondersteunen we deze gesprekken met een databord waarop wij onze doelen en afspraken vastleggen en evalueren.

Onderwijs voor elk kind

Op onze school werken we naar unit onderwijs. Wij noemen deze units “Leersprongen”, een samenvoeging van leerpleinen en onze schoolnaam. Bij unit onderwijs is niet meer één leerkracht verantwoordelijk voor één groep, maar zijn meerdere leerkrachten samen verantwoordelijk voor meerdere groepen. U moet dan denken aan een Leersprong bestaande uit de groepen 1 en 2 of de groepen 3 en 4. Wel krijgt iedere leerling een stamgroep en een mentor. Wij zien hiervan de volgende onderwijskundige voordelen:
  • leerkrachten werken meer samen en leren van en met elkaar. Dit vergroot de kwaliteit.
  • kinderen hebben meer sociale interactie en contacten
  • leerkrachten kunnen specialiseren op vakgebieden waardoor inhoudelijk beter onderwijs ontstaat
  • leerlingen kunnen nog meer op eigen niveau worden bediend
  • inzet van teamleden wordt flexibeler waardoor ziekte makkelijker op te vangen is.